De bemiddeling inzake de effectenleaseproblematiek onder leiding van de heer Duisenberg
heeft geleid tot een akkoord.
De heer Duisenberg startte de bemiddelingsgesprekken tussen Dexia Bank Nederland
(DBNL) en de stichtingen Leaseverlies en Eegalease en de Consumentenbond, ondersteund
door de Vereniging van Effectenbezitters (VEB), in februari 2005.
De oplossingen zijn zowel van toepassing op overeenkomsten die zijn beëindigd
vanaf januari 1997, als op lopende overeenkomsten.
· Cliënten met een effectenleaseovereenkomst krijgen een korting
van tweederde op hun mogelijke restschuld bij afloop van het contract. Eventuele
positieve resultaten uit andere overeenkomsten van diezelfde cliënt worden
verrekend.
· Cliënten die op basis van artikel 1:88 Burgerlijk Wetboek (meetekenen
van de partner) tijdig en op correcte wijze vernietiging van de overeenkomst
hebben ingeroepen krijgen een volledige korting (100%) op de mogelijke restschuld
bij afloop van het contract. Eventuele positieve resultaten uit andere overeenkomsten
van diezelfde cliënt worden verrekend.
· Cliënten met een product dat niet kan eindigen met een restschuld
krijgen 10% korting op de restschuld die na vroegtijdige beëindiging zou
kunnen ontstaan.
· Cliënten die het Dexia Aanbod hebben aanvaard krijgen een vierde
optie; bij direct aflossen van de restschuld wordt een korting van eenderde
gegeven.
· De bestaande coulanceregeling van Dexia die bedoeld is om sociale
problemen te voorkomen en voor alle cliënten toegankelijk is, wordt verder
verruimd.
De stichtingen Leaseverlies en Eegalease zullen dit voorstel met een positief
advies aan hun aangeslotenen voorleggen. Wanneer de meerderheid van de respondenten
positief reageert, beëindigen de stichtingen de twee collectieve procedures
die zij tegen de bank aanhangig hebben gemaakt.
Het is de bedoeling bovenvermelde hoofdlijnen te implementeren en beschikbaar
te hebben voor alle cliënten voor het einde van de maand juni 2005.
De regeling geldt niet voor de specifieke groep cliënten die een productcombinatie
van een effectenleaseovereenkomst en effectendepot zijn aangegaan. Hiervoor
bestaat reeds een regeling.
Dexia heeft aan alle betrokken partijen duidelijk gemaakt dat haar bereidheid
om een algemeen bemiddelingsvoorstel te aanvaarden, geen schuldbekentenis inhoudt.
De kosten van deze schikking bedragen circa € 400 miljoen. Rekening houdend
met reeds aangelegde voorzieningen en de € 218 miljoen uit de schikking
met Aegon (zie persbericht d.d. 11 februari 2005), zal het resultaat van Dexia
als gevolg van deze minnelijke schikking met een supplementaire kost van circa
€ 100 miljoen voor belastingen worden beïnvloed, te verwerken in de
boeken over het eerste kwartaal.
Dirk Bruneel, voorzitter van Dexia Bank Nederland: "De geschilpunten die
zijn voortgekomen uit effectenleaseproducten die zijn verkocht door Bank Labouchere,
hebben de afgelopen jaren talrijke problemen veroorzaakt. Ondanks het feit dat
Dexia meent dat zij juist heeft gehandeld en haar argumenten sterk zijn, erkennen
wij ook dat deze kwestie zich in Nederland heeft ontwikkeld tot een maatschappelijk
probleem. Hiervoor moesten wij een oplossing zoeken. Dexia complimenteert de
heer Duisenberg die, tussen twee standvastige partijen in, erin geslaagd is
ons naar deze minnelijke regeling te leiden. Wij hebben ervoor gekozen om te
onderhandelen met de stichtingen Leaseverlies, Eegalease de Consumentenbond
en de VEB, omdat zij het meest representatief zijn voor zowel ons cliëntenbestand
als de gevoelens die hieromtrent leven in de maatschappij. Wij zijn ervan overtuigd
dat de reactie van de cliënten positief zal zijn en dat zowel onze cliënten
als de bank deze bladzijde definitief kunnen omslaan."